De kennis van het Nederlands bij buitenlanders en de toetsing en certificering ervan, enkele voorlopige opmerkingen
F. Montens en A.G. Sciarone
1985
40 pagina's
js-cniuB van ncu neuerianus zsu uie ai expnciei gesiem women oo een werkelijke inhoud wordt gegeven. Dit hangt uiteraard in sterke mate samen met de werkelijke mogelijkheden tot doorstroming. De al gemene klacht (ook op het niveau van de vermelde I.S.K.'s) is dat ht daarmee bedroevend gesteld is (Fase en Risseeuw, 1983).
Waar iets geregeld is met betrekking tot de eis van voldoende ke nis van het Nederlands, heeft dat, zoals uit het voorafgaande moge b] ken, meestal betrekking op onderwijs- of scholingssituaties.
Men moet echter aannemen dat met name op het laag geschoold niveau en in het bedrijfsleven de eis van voldoende kennis van het N derlands informeel een rol speelt, waarbij sociaal-economische factoren bepalend zijn. In een periode van recessie of crisis en daarmee gepaar gaande personele inkrimpingen zullen werknemers met een gebrekkige kennis van het Nederlands eerder de kans lopen ontslagen te worden. Pas wanneer zij vervolgens op C.B.B.'s of soortgelijke instellingen op i hierboven aangeduide wijze worden opgevangen, krijgt de eis van voldoende kennis van het Nederlands een meer formele status. Daarmee wordt het paard dan ook in financieel opzicht (vgl. paragraaf 3.7) beleidsmatig achter de wagen gespannen.
Eerder dan voor uitgebreid nader onderzoek naar de verschillend* al dan niet wettelijke eisen met betrekking tot de kennis van het Ne derlands zou men derhalve ook vanuit het oogpunt van rechtsgelijkhei moeten pleiten voor de in het begin van deze paragraaf aangeduide algemene verplichtstelling tot voldoende kennis van het Nederlands. Voor de daarbij inhoudelijk te stellen eisen zij in algemene zin verwe zen naar paragraaf 2.5.
3.3. De maatschappelijke context van verplichtstelling van voldoende kennis van het Nederlands
Zelfs wanneer de noodzaak van voldoende kennis van het Nederlands in een formele verplichtstelling is vastgelegd, kunnen zich vreemde situaties voordoen.
Dat is bij voorbeeld en dat voorbeeld heeft een algemene waarde ten aanzien van buitenlanders 'ontvangende' instanties in h( geval van het Academisch Statuut het gevolg van het feit dat (nogma volgens Artikel 66, lid 2) de 'daarbij te stellen eisen worden vastgesti
21