Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Voorzetten

U bent hier: start » voorzetten
Zoeken naar:
Voorzetten 5

De kennis van het Nederlands bij buitenlanders en de toetsing en certificering ervan, enkele voorlopige opmerkingen
F. Montens en A.G. Sciarone
1985
40 pagina's

[Nederlands. Ten eerste moet het onderwijs Nederlands geïntegreerd wc den met het onderwijs in andere zaken die van algemeen belang zijn voor de doelsituatie. Ten tweede kan men niet volstaan met 'voorbereidend' onderwijs dat leidt tot de algemene, minimaal benodigde ken nis van het Nederlands, maar dient er tevens een vorm van overgangs onderwijs te zijn dat zorgt voor de zowel taalkundige als vakinhoudelijke aansluiting op de specifieke doelsituatie en gegeven wordt paralle aan het tweede (meer 'gevorderde') deel van de 'cursus Nederlands' (vgl. ook Stortelder over Steinert, 1985, en Montens en Ruijgrok, 1985). Dit niet om mensen in de watten te leggen — pogingen de doelsituatie aan te passen aan de uitgangssituatie van buitenlanders door bij voorbeeld cursusmateriaal voor binnen de doelsituatie in vereenvoudigd Nederlands te herschrijven, staan haaks op het aangegeven streven —, maar opdat de investering in iemands voorbereiding niet verloren gaat direct achter de deur van de 'ontvangende' instantie.

Dit alles betekent tevens dat iemand eerst ten aanzien van de voor zijn doelsituatie vakinhoudelijk onontbeerlijke voorkennis moet worden getoetst (en eventueel 'bijgespijkerd'), voordat hij zich wat he Nederlands betreft kan gaan voorbereiden, hetgeen mits oordeelkundig gedaan en bij goede overgangswegen met een hoge kans op succes kaï geschieden. Daarbij is het dan ten slotte van het uiterste belang dat de onderwijs Nederlands verzorgende instanties en de 'ontvangende' instantie zo nauw bij elkaar betrokken zijn dat problemen die doorgaans optreden bij zogenaamde 'externe doorstroming' kunnen worden vermeden.

Wie na het bovenstaande tegenwerpt dat het hier gaat om het uitzonderlijke karakter van de opvang van buitenlanders aan een universitaire instelling, bedenke dat er — althans wat het geschetste 'twe< sporen'-model van het onderwijs Nederlands betreft — in beginsel geei enkel verschil bestaat tussen bij voorbeeld een fabriek en een facultei

3.5. Inventarisatie van bestaande faciliteiten

Wanneer men een inventarisatie zou willen maken van de bestaande faciliteiten om het Nederlands als tweede taal te leren, lijkt dat op het eerste gezicht een zeer eenvoudige zaak. Overal in den lande woi

25

Nederlandse Taalunie