De kennis van het Nederlands bij buitenlanders en de toetsing en certificering ervan, enkele voorlopige opmerkingen
F. Montens en A.G. Sciarone
1985
40 pagina's
inspanning in het land waar de desbetreffende taal wordt gesproken, dan staat hij met zijn mond vol tanden.
2.3. De ongunstige positie van het Nederlands als vreemde taal
Toch is het verhoudingsgewijs zeer goed mogelijk om in Nederlandstalige gebieden als Nederland en Vlaanderen althans een aantal vreemde talen te leren. Wanneer men spreekt over het leren van Nederlands als vreemde taal, is het daarom ook om deze reden nodig goed te beseffen dat het beeld dat een Nederlander heeft van het leren van vreemde talen, onmogelijk kan worden geprojecteerd op een buitenlander die in zijn land van herkomst Nederlands leert of wil leren.
Hoewel slechts in het geval van Engels dagelijks contact door middel van de televisie voor Nederlandstaligen gangbaar is, zijn bij voorbeeld op praktisch elke Nederlandse middelbare school ongeacht het niveau van die school ook de faciliteiten aanwezig voor het leren van Frans en Duits. Wanneer men zich daarentegen de situatie in het buitenland ten aanzien van het leren van Nederlands indenkt, dan wordt het in paragraaf 2.2 geschetste beeld van het leren van een vreemde taal alleen maar somberder.
Afgezien van de lessituatie is er in het geheel geen sprake van contact met het Nederlands. De faciliteiten in het buitenland om Nederlands te leren zijn uiterst schaars. In de meeste gevallen moet men alleen al enorme afstanden overbruggen om ze te bereiken. En zo de faciliteiten er al zijn, dan wordt er toch vrijwel uitsluitend van gebruik gemaakt door personen met een hogere vooropleiding, dat wil zeggen in ieder geval niet door het merendeel van de buitenlanders die naar Nederland komen.
Deze bijzonder ongunstige positie van Nederlands als vreemde taal heeft tot gevolg dat het in het buitenland bereikte niveau van kennis en talige 'redzaamheid' in het gunstigste geval gering is. Zo blijkt bij voorbeeld bij aankomst van buitenlanders die in Nederland aan een universitaire instelling willen gaan studeren de meest 'bevoorrechte' groep dus dat hun kennis van het Nederlands zodanig is dat plaatsing in een cursus voor gevorderden tot de volstrekte uitzonderingen behoort. De meesten van hen moeten worden geplaatst in een cursus
8