Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Voorzetten

U bent hier: start » voorzetten
Zoek naar
Voorzetten 3

Spelling en spellingregeling, wettelijke en bestuurlijke aspecten
J. de Rooij en W. Haeseryn
1985
24 pagina's

Inleiding

Deze notitie is een 'verslag van leeservaringen'. In opdracht van de                  5

Nederlandse Taalunie werden de tekst van het Belgische Spellingbesluit van 1946, van de Nederlandse Spellingwet van 1947, alsmede die van enkele koninklijke besluiten en ministeriƫle circulaires die op spelling betrekking hebben, gelezen met de ogen van een neerlandicus. Enkele bevindingen die daarbij opgedaan werden, kunnen consequenties hebben die het vakgebied van de neerlandicus te buiten gaan. Deze worden in de notitie uitdrukkelijk als zodanig gesignaleerd.

De informatie over de Belgische wettelijke regeling werd verkregen via het Belgische Ministerie van Onderwijs. De bedoelde Nederlandse teksten werden aangetroffen in het boekje De spelling van de Nederlandse taal (3e, bijgewerkte druk, Staatsuitgeverij, 's-Gra-venhage, 1980), waarin ook aandacht besteed wordt aan de samenwerking tussen Nederland en Belgiƫ op het gebied van de spelling.

2 Wat wordt er geregeld?

2.1

Wie als neerlandicus de teksten van het Spellingbesluit van de Prins-Regent van 9 maart 1946 (Belgisch Staatsblad van 5 april 1946) en van de wet die officieel omschreven wordt als 'Wet van 14 Februari 1947, houdende voorschriften met betrekking tot de schrijfwijze van de Nederlandsche taal' (Staatsblad 1947, no. H 52), leest en met elkaar vergelijkt, vallen twee dingen in het bijzonder op. Het ene betreft vormelijke verschillen, het andere een inhoudelijk aspect van de beide wetsteksten.

De formulering van de gegeven spellingvoorschriften en de in uitzicht gestelde regelingen in artikel 1 van de Nederlandse wet komt, afgezien van het weglaten van de voorbeelden, nagenoeg overeen met die van de bijlage bij het Belgische besluit. (De leden 6 t.m. 11 van bedoeld artikel vallen in dat besluit onder de overgangsbepalingen.) Beide teksten gaan immers terug op de voorstellen in het rapport van een in 1945 ingestelde gemengde Nederlands-Belgische commissie.

Toch doet zich een opmerkelijk verschil voor. In tegenstelling tot de Belgische tekst bevat de Nederlandse merkwaardig genoeg nergens het woord 'spelling'; er wordt uitsluitend gebruik gemaakt van de term 'schrijfwijze'. Dit geldt trouwens niet alleen voor de

Nederlandse Taalunie