Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Voorzetten

U bent hier: start » voorzetten
Zoek naar
Voorzetten 7

Het Certificaat Nederlands en Nederlands als Tweede Taal
L. Beheydt
1987
52 pagina's

Geschiktheid van het huidige 'Certificaat Nederlands als Vreemde Taal' als Certificaat Nederlands als Tweede Taal

In tal van opzichten komt het bestaande Certificaat Nederlands als Vreemde Taal zeker in aanmerking om ook als Certificaat Nederlands als Tweede Taal te gaan fungeren. In de eerste plaats beantwoordt de toetsvorm met het systeem van deelcertificaten voor verschillende vaardigheden en op verschillende niveaus aan de voorwaarde van de mogelijkheid tot genuanceerde taalvaardigheidsbeschrijving. Bovendien maakt het feit dat het huidige certificaatsexamen bestaat uit directe curriculumonafhankelijke toetsen het mogelijk dat het certificaatsexamen kan worden afgelegd op verschillende plaatsen en in aansluiting op zeer verschillende opleidingen.

Anderzijds voldoet het Certificaat met zijn uniforme toetsvormen en zijn uniforme evaluatie aan de voorwaarde van gelijkwaardigheid voor het gehele taalgebied.

Verder zijn ook de gebleken betrouwbaarheid en validiteit van de toetsen evenals de beschikbare ervaring op het gebied van de logistieke en administratieve organisatie van het examen, factoren die pleiten voor uitbreiding van de huidige certificaatsvorm tot het Nederlandse taalgebied. Tenslotte zijn de toetsen van het Certificaat nvt de enige die uitgaan van een integratieve visie op het Nederlands. Ze zijn ontworpen als toetsen voor het Nederlands als gemeenschappelijke standaardtaal van Nederland en de Vlaamse Gemeenschap. Niet alleen bestaan de Werkgroep en de staf uit Nederlandse en Vlaamse leden, ook in de toetsvormen wordt recht gedaan aan de eigen aard van de taal van de beide geografische gebieden.

Verder blijkt ook uit de snel toenemende binnenlandse belangstelling voor het Certificaat dat het op dit ogenblik reeds voldoet aan een behoefte binnen het Nederlandse taalgebied. Nu al ervaren tientallen instellingen en educatieve centra die zich bezighouden met het onderwijs aan buitenlanders in Nederland en Belgiƫ de praktische bruikbaarheid van een curriculumonafhankelijk deelcertificatensysteem. Ondanks de gebleken principiƫle en praktische bruikbaarheid resteren er vooralsnog een aantal problemen. Zo is er het praktische probleem van de erkenning van het Certificaat voor binnenlands gebruik. In dat opzicht zal zeker nog overleg nodig zijn met het Ministerie van O. en W. en met het bevoegd gezag voor het minderhedenbeleid in Nederland maar evenzeer met het Ministerie van Onderwijs in Vlaanderen. Het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen in Nederland blijkt inmiddels overigens zelf het initiatief genomen te hebben tot de ontwikkeling van een curriculum Nederlands als Tweede Taal met daarbij aansluitend een examen. De vraag rijst in hoeverre de ontwikkeling van althans een unilateraal examen nog zinvol is, sinds het bestaan van de Taalunie.

Nederlandse Taalunie