Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Voorzetten

U bent hier: start » voorzetten
Zoek naar
Voorzetten 46

Nederlands als tweede taal in het onderwijs, praktijkbeschrijvingen uit Nederland en Vlaanderen
Redactie: Sjaak Kroon en Ton Vallen.
1995
228 pagina's

VI

Wegen en omwegen naar een grotere taalvaardigheid Nederlands

Een praktijkbeschrijving uit het secundair onderwijs in Vlaanderen Goedele Duran

1 Inleiding

Sinds het schooljaar 1991-1992 is er in Vlaanderen sprake van een specifiek beleid dat gericht is op het wegwerken van onderwijsachterstanden bij kansarme groepen. Een van die groepen zijn de migranten. In het nieuwe beleid wordt ter verbetering van hun positie in het onderwijs actie ondernomen via het innovatieproject 'Secundair onderwijs aan migranten'. Dit project is onderdeel van het onderwijsvoorrangsbeleid (ovb) dat, naast het intercultureel onderwijs (ico), het onderwijs in eigen taal en cultuur (oetc) en het onthaalbeleid voor neveninstro-mers (obn), een van de pijlers van het nieuwe onderwijsbeleid voor migranten vormt. Waar de laatste drie pijlers echter betrekking hebben op de hele Vlaamse Gemeenschap blijft het ovb in zijn werking beperkt tot de onderwijsvoorrangsge bieden in Vlaanderen. De verhoogde kans op onderwijsachterstand die leerlingen uit die gebieden lopen, wil men met het ovb voorkomen. Daarbij worden onder-wijsstimulering en onderwijsactivering onderscheiden. Onderwijsactivering bestaat uit acties waarbij school, buurt en ouders betrokken zijn. Onderwijsstimu lering omvat alle acties die schoolintern ondernomen worden om onderwijsachtei stand te bestrijden. De specifieke activiteiten die in het innovatieproject 'Secundair onderwijs aan migranten' ondernomen worden, hebben betrekking op Nederlands als tweede taal, Nederlands als instructietaal, studiebegeleiding en differentiatie en remediering.

Specifieke aandacht voor de positie van migranten in het secundair onderwijs in Vlaanderen is niet nieuw. In het E.G.-experiment 'Moedertaal- en cultuuronderwi op secundair onderwijsniveau' (1982-1987) werd reeds aandacht geschonken aan deze groep. De concrete resultaten van het experiment waren echter beperkt en specifieke aandacht voor het Nederlands was er binnen dit experiment niet. Die aandacht voor het Nederlands van migranten kwam er wel in het E.G.-experiment dat onder dezelfde naam van 1988 tot 1991 werd uitgevoerd. Het doel van dit tweede experiment was vooral om na te gaan hoe intercultureel onderwijs en onderwijs in de eigen taal en cultuur geïntegreerd konden worden in de bestaande onderwijspraktijk. Dat gebeurde op 'experimenteerscholen'. Op die scholen constateerde men echter als groot probleem de gebrekkige kennis van het Nederlands van allochtone leerlinsen. Daarom werd in h^t twepAc v r. -Mnprimmt nnV nao?.

Nederlandse Taalunie