Nederlands als tweede taal in het onderwijs, praktijkbeschrijvingen uit Nederland en Vlaanderen
Redactie: Sjaak Kroon en Ton Vallen.
1995
228 pagina's
-----maaltwee^jaarvoortgezetronderwijsT^Hervsvo~richt"z1"ch7w?ardë~allöclïïöTïë~lë<
lingen betreft, op de doelgroep met vooropleidingen boven die van de BE-doelgroep tot en met afgeronde universitaire opleidingen. De hier beschreven onder wijspraktijk heeft betrekking op twee extreme groepen in dit brede veld: het alfabetiseringsonderwijs (zie daarvoor ook Van Neerven, 1993) en het onderwi aan hoogopgeleiden (zie Bakker-Ringeling, 1993).
Omdat er in de voor deze beschrijving geselecteerde tak van onderwijs nauweli sprake is van landelijk geïnitieerde projecten, maar wel van op grote schaal gebruikte, door landelijke organen ontwikkelde leergangen, is ervoor gekozen nie een project maar een leergang en de taaltheoretische en leertheoretische princip waarop deze gestoeld is, als uitgangspunt te nemen. Deze leergangen bestaan u verschillende opeenvolgende onderdelen en zijn bedoeld voor gebruik gedurenc een periode die de beschikbare onderzoekstijd ver te buiten gaat. Het vinden va instellingen en docenten die bereid waren aan het onderzoek mee te werken, le\ de al zoveel problemen op, dat niet getracht is tevoren vast te leggen welk onderdeel binnen de betreffende leergangen de voorkeur zou verdienen. Dit hac tot gevolg dat de fase waarin de te onderzoeken groep zich op dat moment bevond, bepalend was. Om die reden wordt in het volgende, afgezien van enkele inleidende opmerkingen betreffende de dataverzameling, eerst de onderzoekslo tie beschreven. Vervolgens komen de belangrijkste kenmerken van de leergang aan de orde en wordt het onderdeel dat behandeld werd tijdens de observaties, uitvoeriger besproken. De omvang van deze publikatie laat een uitvoerige beschrijving van wat er in de klassen gebeurde niet toe (zie voor een meer omv tende rapportage Van Neerven, 1993 en Bakker-Ringeling, 1993). Dit heeft tot gevolg dat het accent hier vooral is komen te liggen op activiteiten die af leken wijken van de aan de leergang ten grondslag liggende uitgangspunten. Dit heef ook te maken met de uitzonderlijke positie van het tweede-taalonderwijs aan vc wassenen. Projecten in het reguliere onderwijs beogen in de regel afwijkingen i het 'normale' patroon te effectueren met het oog op de anderstalige leerlingen i de klas. Beschrijvingen daarvan zijn dus veelal positieve afwijkingen en inforrr tie daarover is nuttig voor anderen. In een NT2-klas in het volwassenonderwijs daarentegen is de specifieke benadering normaal en biedt een beschrijving van wijkingen en de mogelijke gevolgen daarvan meer informatie. Het accent in de: beschrijving moet in dat licht bezien worden.
2 Een praktijkbeschrijving van onderwijs Nederlands als tweede taal aan laagopgeleide volwassenen
2.1 Inleiding
Binnen het onderwijs aan de doelgroep laagopgeleide, anderstalige volwassene neemt het alfabetiseringsonderwijs een zeer belangrijke plaats in. Voor die sub-