Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Voorzetten

U bent hier: start » voorzetten
Zoeken naar:
Voorzetten 52

Veelstemmig akkoord, Naar een nieuwe literatuurgeschiedenis
Red.: H.Bekkering en A.J. Gelderblom
1997
128 pagina's

Veelstemmig akkoord

Algemene discussie

In de algemene discussie wordt het project niet principieel aangevochten. Het debat concentreert zich op drie hoofdpunten:

1.        de methode van literatuurgeschiedschrijving;

2.        het beoogde publiek;

3.        de omvang van de nieuwe literatuurgeschiedenis.

1. Methode

In het algemeen wordt de functionalistische aanpak, zoals geschetst door De Geest, onderschreven: moderne literatuurgeschiedschrijving dient geen apodictische uitspraken te doen over de literatuur, maar beschrijft de werking en de in- en uitsluitende mechanismen van de literaire communicatie. Wat literatuur is, staat niet bij voorbaat vast; het gaat meer om relaties dan om substanties. Het literaire systeem is niet los te denken van andere systemen van teksten en vertogen. Daarom zal een nieuwe literatuurgeschiedenis bijvoorbeeld aandacht moeten besteden aan instituties, netwerken en maatschappelijke context, zonder de auteurs en de specifieke teksten uit het oog te verliezen.

Uniformiteit of methodepluralisme

De Geest pleit voor redactioneel gezag dat de methodologische eenheid bewaakt en de onderneming op functionalistische grondslag disciplineert. Anderen wijzen daarentegen op de eigen dynamiek en de diversiteit van het onderzoek in de onderscheiden periodes en specialismen. Het zou niet productief zijn de benaderingen te zeer te uniformeren en aldus aan de specifieke ervaring op deelgebieden te kort te doen.

Onoverbrugbaar is deze tegenstelling niet. De functionalistische aanpak laat flexibiliteit en variatie toe. Te grote heterogeniteit in de vorm van een lappendeken van methoden en benaderingen dient naar ieders oordeel te worden vermeden. Als elke periode een eigen boekdeel krijgt, zou de uniformiteit gediend zijn met één auteur per deel (ten hoogste twee) en een redactie die de eenheid van opzet bewaakt.

Centrum en periferie

Het perspectief van contextualisering en maatschappelijke inbedding kan teksten of auteurs uit het zicht doen verdwijnen die thans als belangrijk gelden, terwijl obscure namen zich vanuit de marge op de voorgrond dringen. Daardoor kan de herkenbaarheid van de literaire geschiedenis voor de gemiddelde lezer in het gedrang komen.

In het door De Geest beschreven paradigma kent de literatuurgeschiedschrijving zelf geen waarden toe, maar onderzoekt ze processen van waardetoekenning. De literatuurgeschiedenis heeft niet tot taak de canon te constitueren, maar ze onder-

38

Nederlandse Taalunie