Veelstemmig akkoord, Naar een nieuwe literatuurgeschiedenis
Red.: H.Bekkering en A.J. Gelderblom
1997
128 pagina's
Veelstemmig akkoord
Lezing A.N. Paasman
De tweede spreker van dit blok is de heer A.N. Paasman (docent koloniale en postkoloniale literatuur aan de Universiteit van Amsterdam).
Het lijkt me zinvol om de koloniale en postkoloniale literatuur van Nederland en Vlaanderen een eigen plaats te geven in een nieuwe literatuurgeschiedenis. Qua stijl en thematiek zal deze literatuur een sterke samenhang vertonen; hetzelfde geldt meestal voor het leespubliek. Ondanks deze samenhang is er geen eenheid: er zijn vele schakeringen tussen koloniale passantenliteratuur enerzijds en de postkoloniale literatuur geschreven door autochtone auteurs uit de ex-koloniale gebieden anderzijds. En eigenlijk gaat er nog een schakel aan vooraf.
Een aantal schrijvers heeft over bijvoorbeeld Indië/Indonesië geschreven zonder er ooit geweest te zijn: de Friese edelman Onno Zwier van Haren met zijn tragedie Agon, sulthan van Bantam, de Vlaming Hendrik Conscience met zijn historisch toneelspel Batavia, de Noord-Nederlandse romanticus Willem Hofdijk met zijn gedichten In 't harte van Java. Een moderne auteur, Jan Wolkers, verbleef er één georganiseerde vakantiereis lang, maar schreef niettemin twee dikke romans over Indonesië: De walgvogel en De kus. Eduard Douwes Dekker is een passant, maar een van de weinige Nederlandse schrijvers die in Indonesië bekend is, als Multatu-li. De Indonesische nationalisten koesterden hem; hij wordt nog steeds gelezen en dikwijls verkeerd geïnterpreteerd, namelijk als een antikoloniale auteur. Zijn receptie in Indonesië is dan ook verschillend van die in Nederland. Nederlandse passanten zijn bijvoorbeeld ook Jan ten Brink, Busken Huet, Carry van Bruggen. Du Perron, geboren en getogen in Indië, is geen passant, maar een autochtone Indische auteur van Europese komaf, zij het met een enkel druppeltje Aziatisch bloed. Hij was passant in Europa. De Indo Jan Boon, alias Tjalie Robinson, alias Vincent Mahieu, is geboren in Nederland, maar getogen in Nederlands-Indië. Hij debuteerde in Indië, publiceerde ook nog in Indonesië, repatrieerde op ruim veertigjarige leeftijd naar Nederland, werd hier de 'stem van Indisch Nederland', migreerde voor enkele jaren naar de Verenigde Staten en werd daar de 'stem van Indisch Amerika'. Hij schreef behalve in het Nederlands en het Engels ook in het Indisch-Nederlands en in de mengtaal van Nederlands, Maleis en Javaans, het petjo. De dichter Han Resink is ook Indisch autochtoon, van gemengde komaf, die voor de Indonesische nationaliteit koos. Zijn Nederlandstalige poëzie verscheen in Nederlands-Indië, Indonesië, Nederland, België en Belgisch-Congo en heeft voornamelijk een Javaanse thematiek; Resink noemt zichzelf niet Indisch, maar Javaans. Hella S. Haasse, geboren en getogen op Java, schreef een omvangrijk Nederlands en slechts een klein Indisch oeuvre. Hetzelfde geldt voor de op Sumatra geboren en getogen Rudy Kousbroek. Maar naarmate zij ouder worden, worden hun Indische jeugd, en daarmee hun Indische identiteit, steeds belangrijker en manifester. Jacob Vredenbregt is een Nederlander die thans permanent in Indonesië verblijft, en in het Nederlands schrijft over Indonesische thematiek. De Javaanse Raden Noto Soeroto verbleef langere tijd in Nederland en schreef zijn gedichten en
50