Lerarenopleiders over literatuurdidactiek, een onderzoek naar de wijze waarop leraren Nederlands in Nederland en Vlaanderen worden voorbereid op het geven van literatuurlessen
T. Janssen, M. Overmaat, N. Rowan [e.a.]
1988
116 pagina's
het onderwijs verantwoord te kunnen 'runnen'.
Tijdgebrek. Zowel bij de voorbereiding als bij de uitvoering van literatuurlessen komen (beginnende) leraren volgens respondenten in tijdnood. Het voorbereiden van een goede literatuurles en het bijhouden van de eigen kennis van literatuur vergt een gigantische tijdsinvestering. Het aantal lesuren voor literatuur is bovendien beperkt: hierdoor kunnen docenten niet alle onderdelen (literatuurgeschiedenis, structuuranalyse, boekpromotie) voldoende aan bod laten komen.
Evaluatie en toetsing verwijst naar de beoordelingsproblematiek. Hoe moeten leraren hun literatuuronderwijs beoordelen? Hoe moeten zij de (onheldere) doelstellingen uit de officiële examenprogramma's ("kennis van en inzicht in de letterkunde") toetsen? Volgens twee respondenten vormt dit een nijpend probleem voor leraren in het voortgezet onderwijs.
De overige problemen behelzen: "differentiatie", "het dilemma cultuuroverdracht-andere doelstellingen", "de klas/de orde", "vrijheid, creativiteit", "dat literatuur voor leerlingen verplicht is", "het longitudinaal opbouwen van de leerstof', "het niet-sacrosancte/van-zelfsprekende van onderwijs in en aandacht voor literaire teksten, literaire cultuur en literaire stijlvormen" en "het door de jaren heen bouwen aan een goed leerplan voor literatuuronderwijs".
Samenvattend concluderen we dat de meest geuite problemen de gebrekkige kennis en vaardigheid van (beginnende) leraren betreffen. Daarnaast worden het probleem van aansluiting bij de beginsituatie van de leerling en de te schoolse, cognitief gerichte aanpak in het literatuuronderwijs genoemd.
Opvallend is dat problemen aan de kant van de leerling vooral door NLO-docenten genoemd worden. ULO-docenten zien daarentegen naar verhouding vaker problemen aan de kant van de leerkracht en zijn of haar (schoolse) aanpak. MO-docenten leggen relatief sterker de nadruk op de tijdnood waarin leraren Nederlands verkeren bij het geven van literatuuronderwijs.
4.1.4 Samenvatting
De belangrijkste resultaten van de enquête onder de Nederlandse lerarenopleiders kunnen als volgt worden samengevat:
- De docenten die verbonden zijn aan een Nieuwe Leraren Opleiding zijn over het algemeen redelijk tevreden over de beroepsvoorbereidende component van hun opleiding. Dit geldt niet voor hun collega's van de Universitaire en MO-opleidingen. Van hen acht een overgrote meerderheid de aandacht die binnen hun opleiding wordt besteed aan beroepsvoorbereiding onvoldoende voor een adequate opleiding van leraren Nederlands.
- Naar schatting wordt een zevende deel van de tijd die beschikbaar is voor vakdidactiek, besteed aan literatuurdidactiek. Soms