VOORWOORD
Dit onderzoek is uitgevoerd bij het Instituut voor Algemene Taalwetenschap van de Universiteit van Amsterdam, in opdracht van de Nederlandse Taalunie. Voor het verstrekken van overvloedige informatie ben ik dank verschuldigd aan J.P. Lyonnet van de staf van de Alliance Francaise te Amsterdam, Reinhard Sauer, Referats-leiter Prüfungszentrale van het Goethe-Institut te München en W.G. Shephard, Assistant Secretary van de Local Examinations Syndicate, Cambridge. L. Beheydt heeft mij met zijn talloze publika-ties over het Certificaat Nederlands als Vreemde Taal, zij het niet op directe wijze, de nodige informatie over de Nederlandstalige examens geleverd. Vanwege hun verdienstelijke hulp bij het vertalen van de vragenlijsten wil ik graag mijn collega's bedanken, nl. Hans den Besten (Instituut voor Algemene Taalwetenschap, Amsterdam), Hélène Lancée (Vakgroep Frans/Roemeens, Amsterdam) en James McCracken Edgar (Lerarenopleiding d'witte Lelie, Amsterdam). Cor Koster (Vrije Universiteit) en René Appel (Instituut Algemene Taalwetenschap, Amsterdam) ben ik erkentelijk voor het doornemen van een eerdere versie van dit rapport en hun op- en aanmerkingen daarbij.
Simon Verhallen
Instituut voor Algemene Taalwetenschap
Amsterdam
oktober 1987