Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Voorzetten

U bent hier: start » voorzetten
Zoek naar
Voorzetten 21

Een normatief-pedagogische grammatica voor volwassenen
L. Beheydt en F. Jansen
1989
64 pagina's

33

3 Een normatief-pedagogische grammatica voor Nederlandstaligen

3.1 Inleiding

In deze bijdrage verken ik de haalbaarheid en wenselijkheid van een normatief-pedagogische grammatica voor standaardtaalsprekers buiten het reguliere onderwijs.

Ik pleit ervoor om af te zien van één grammatica voor zowel autochtone als allochtone standaardtaalgebruikers binnen en buiten het onderwijs. Het verdient wel aanbeveling te overwegen om drie deeltjes te vervaardigen:

1.   een deeltje voor allochtonen en hun docenten, met bij voorbeeld informatie over de plaats van het lidwoord;

2.   een deeltje met een kerngrammatica, waarin grammaticatermen en basisgegevens van het Nederlands uitgelegd worden;

3.   een deeltje met adviezen ten aanzien van subtiele grammaticale twijfelpun-ten.

32 Normen voor taalgebruik

Een normatief-pedagogische grammatica voor het Nederlands vooronderstelt onder meer een welomschreven visie op de standaardtaal van Nederland en België. Die wordt hier Standaardnederlands (SN) genoemd, een term die minder weerstanden oproept dan het aloude ABN (Algemeen Beschaafd Nederlands). Standaardtaalgebruikers zijn alle verantwoordelijke volwassen taalgebruikers die zeggen SN te spreken en schrijven. Doen ze dat ook werkelijk allemaal? Die vraag heeft geen taalkundig, maar een taalideologisch karakter. De Vries (1987) zet de volgende twee opvattingen tegenover elkaar:

1.   Niemand spreekt en schrijft SN. Dat is namelijk geen variëteit maar een ideaal. Taalgebruikers kunnen het in hun gedrag wel benaderen, maar niet bereiken.

2.   SN is de variëteit van sommige groepen Nederlanders. Het SN is dus wel in het taalgedrag (spreken en schrijven) te betrappen. Aanhangers van die opvatting gaan ervan uit dat verscheidenheid bij het verschijnsel taal hoort, en er geen reden is waarom de standaardtaal dergelijke variëteiten niet zou kunnen hebben.

Daan (1987) acht het zelfs wenselijk dat de verscheidenheid van onze maatschappij zich weerspiegelt in de verscheidenheid van onze standaardtaal. Dezelfde gedachte vormt de achtergrond van het pleidooi van Haeseryn en De Rooij (1985) voor een realistisch-normatieve grammatica.

Nederlandse Taalunie