Mag het een ietsje meer zijn? Verslag van de Algemene Conferentie van de Nederlandse Taal en Letteren 1988
1989
56 pagina's
2 ALGEMEEN GEDEELTE
2.1 Openingswoord door de Conferentievoorzitter - M. Mourik
De voortschrijdende integratie van de Europese Gemeenschap houdt in dat de lidstaten steeds meer van hun economische en politieke zelfstandigheid (soevereiniteit) zullen overdragen aan supranationale en intergouvernementele gemeenschapsorganen.
In het eindstadium van de Europese integratie zal de nationale identiteit alleen nog maar tot uitdrukking gebracht kunnen worden door de culturele identiteit.
Kleine(re) ledenlanden zullen aanzienlijk grotere moeite hebben hun culturele identiteit te handhaven dan de grote(re), zowel door economische oorzaken (produktie voor een beperkte markt) alsook vanwege psychologische factoren (op het kleine wordt neergezien). Dit geldt vooral voor taalgebonden cultuuruitingen. Culturele pluriformiteit is evenwel een wezenskenmerk van de Europese beschaving, de bron van haar spankracht en uitstralingskracht.
De kleine(re) culturele 'eenheden' zullen zich tegenover de gro-te(re) alleen maar kunnen handhaven binnen een confederaal bestel, dat alle samenstellende delen volledige culturele soevereiniteit toekent, en dat gebaseerd is op een culturele 'grondwet' (handvest, gedragscode), waarin de rechten en verplichtingen van de partners worden vastgelegd.
Een dergelijke, op behoud van pluriformiteit gerichte regelgeving zal alleen dan kunnen functioneren wanneer erkend wordt dat culturele goederen en diensten een karakter sui generis hebben en uit dien hoofde niet automatisch zijn onderworpen aan de economische mededingingsregels van de EG.
Een confederaal cultureel Europees bestel betekent geen cultureel isolationisme, noch naar binnen toe, noch naar buiten. Onderlinge samenwerking is zelfs geboden, maar op voet van gelijkheid. Gemeenschappelijke samenwerking met derden (de overige leden van de Raad van Europa, Midden- en Oosteuropese landen) is een vereiste.
Bij de verwerkelijking en de tenuitvoerlegging van het beoogde confederale bestel kan en moet de Nederlandse Taalunie een belangrijke rol spelen. Met het oog daarop is versterking en verdieping van haar functies een absolute noodzaak.
2.2 Welkomstwoord door de gastheer - W. Lerouge
In naam van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaams Cultureel Centrum 'De Brakke Grond' heet ik u van harte welkom in dit theatertje. Een historisch beladen theatertje zowel voor Vlaanderen als voor Nederland. Ik ben zeer blij dat de Nederlandse Taalunie precies dit stukje Vlaanderen in Nederland heeft uitverkoren om deze conferentie over buitenlands cultuurbeleid te houden. Ik moge wensen dat hier vandaag de geesten van Bredero en Vondel met ons zullen zijn. Dan ben ik ervan overtuigd dat de opzet van deze conferentie geslaagd zal zijn. Een hele prettige dag gewenst in de Brakke Grond en veel succes!