Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Voorzetten

U bent hier: start » voorzetten
Zoeken naar:
Voorzetten 23

Etnische minderheden en Nederlands als tweede taal in Nederland en Vlaanderen
Redactie: S. Kroon en T. Vallen
1989
116 pagina's

Onderzoek Nederlands als tweede taal in Nederland

Guus Extra

1 Inleiding

De internationale belangstelling voor onderzoek naar tweede-taalverwerving ij van recente datum. Pas halverwege de jaren zeventig begint deze belangstelling zowel in empirisch als theoretisch opzicht sterk te groeien, zoals onder meei blijkt uit de toename van op dit terrein gespecialiseerde tijdschriften en verzamelbundels. Recente monografieën op het gebied van tweede-taalverwerving zijr die van McLaughlin (1987), Klein (1986) en Ellis (1986). McLaughlin biedt voora een kritische bespreking van Krashen's monitor-model, Klein kiest voor een ster! psycholinguïstisch georiënteerde invalshoek en Ellis heeft het meest de geïnteresseerde tweede-taaldocent voor ogen. Terwijl McLaughlin en Ellis een soms caleidoscopisch overzicht bieden van uiteenlopende opvattingen over tweede-taalverwerving, geeft Klein blijk van een meer coherente visie en een meer persoonlij! getuigenis. Over Nederlands onderzoek inzake Nederlands als tweede taal is gerap porteerd in verzamelbundels van Extra & Vallen (1985), Appel (1986) en Extra Van Hout & Vallen (1987), alsmede in speciale themanummers van het Tijdschrif voor Taal- en Tekstwetenschap (1983, 3/2) en Toegepaste Taalwetenschap in Arti kelen (1985, 22).

In deze bijdrage wordt het thema 'Nederlands als tweede taal' benaderd vanuit ds optiek van tweede-taalverwerving. In paragraaf 2 wordt ingegaan op een drieta cruciale eigenschappen van taalverwervingsprocessen. Zowel eerste-taalverwervinj als tweede-taalverwerving zijn processen die zich per definitie in de tijd voltrek ken (2.1) en daarbij onderhevig zijn aan voortdurende herstructurering (2.2) Verder heeft taalverwerving de paradoxale eigenschap dat de taalleerder moe leren om te communiceren en moet communiceren om te leren (2.3). In de lingu istische theorievorming wordt met deze drie eigenschappen in een aantal opzichtei onvoldoende rekening gehouden en krijgen taaltheorie en ontwikkelingstheorie nie zelden verschillende werkterreinen toebedeeld. Taalverwervingsonderzoek veronder stelt echter interactie tussen beide werkterreinen. In paragraaf 3 staat onderzoel naar de verwerving van Nederlands als tweede taal centraal. Na een besprekinj

Nederlandse Taalunie