Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Voorzetten

U bent hier: start » voorzetten
Zoek naar
Voorzetten 25

Advies aan de Nederlandse Taalunie inzake de EEG-rechtelijke aspecten van een vaste boekenprijs
M. van Empel
1990
132 pagina's

I. INLEIDING

1.1.     Mij is gevraagd een bijdrage te leveren aan de meningsvorming inzake de mogelijkheden voor een systeem van vaste boekenprijzen op detailhandel-niveau voor het territoir van de Nederlandse Taalunie. Mij is gevraagd daarbij mede als uitgangspunt te nemen de (onderhandse) notitie van mr. Berger (WVC). Tevens heb ik rekening gehouden met de 'Opinion' van Christopher Bellamy, Q.C. en Paul Lasok inzake 'Price Maintenance for Books' (29 July 1988).

1.2.     In algemene termen geformuleerd is het probleem, zoals dat nu aan de orde is, het feit dat enerzijds een vrij algemene bereidheid bestaat om tegemoet te komen aan de wens om de economische positie van het boek te beschermen i.v.m. de culturele waarde daarvan, terwijl anderzijds rekening moet worden gehouden met het feit dat de concurrentieregels van het EEG-verdrag (m.n. artikel 85 daarvan) nu eenmaal ook gelden voor het boek. In wezen concretiseert de vraagstelling zich daarmee in de vraag of, en zo ja in welke mate, er in het kader van artikel 85 EEG een rechtvaardiging is te vinden voor een specifieke regeling welke de positie van het boek beschermt.

1.3.     Bij het zoeken naar een antwoord op deze vraagstelling dient uit realiteitsoverwegingen rekening gehouden te worden met het feit, dat de Europese Commissie in november 1985 heeft gesteld de voorkeur te geven aan een 'pragmatische benadering' boven een algemene en uitgewerkte Gemeenschapsrechtelijke benadering. Dit betekent dat gezocht moet - c.q. kan - worden naar een oplossing die - op ad hoc basis - wel aanvaardbaar zou blijken voor het gebied en de omstandigheden van de Nederlandse Taalunie, zonder noodzakelijkerwijs te gelden voor andere gebieden binnen de EEG. In dit verband is het goed er nog eens aan te herinneren dat het Nederlandse taalgebied in zoverre inderdaad uniek is, dat het wèl meer dan één lidstaat omvat, maar niet enig derde land. Bovendien is het van de taalgebieden binnen de EEG die meer dan één lidstaat omvatten duidelijk het kleinste.

1.4.     Uitgangspunt mag verder kennelijk zijn dat voorshands de Europese Commissie zich op het standpunt stelt dat er geen behoefte aan bestaat om de nationale vaste boekenprijs, zoals deze m.n. in Nederland ook feitelijk functioneert, uit hoofde van het EEG-recht aan te vallen. De probleemstelling

Nederlandse Taalunie