Taalunieversum

Nederlandse Taalunie

Voorzetten

U bent hier: start » voorzetten
Zoek naar
Voorzetten 25

Advies aan de Nederlandse Taalunie inzake de EEG-rechtelijke aspecten van een vaste boekenprijs
M. van Empel
1990
132 pagina's

III. MOGELIJKE MAATREGELEN

3.1.    Zoals bekend is tot nog toe de garantie voor een relatief fijnmazig distributiepatroon van boeken gezocht in een stelsel van collectieve verticale prijsbinding. De vraag dient echter te worden gesteld of niet langs andere weg evengoed, of beter, het beoogde resultaat - relatief fijnmazig distributiepatroon - kan worden bereikt.

3.2.    Uitgangspunt voor een fijnmazig distributiepatroon moet zijn dat aanvaard wordt dat dit noodzakelijkerwijs een relatief lage omloopsnelheid per verkooppunt met zich mee brengt. Dit betekent dat een beleid gericht op de bevordering van een dergelijke fijnmazigheid noodzakelijkerwijs een zekere garantie m.b.t. de handelsmarge zal moeten inhouden. Anders zijn de individuele verkooppunten economisch eenvoudig niet levensvatbaar. Daarmee concretiseert de onderhavige vraagstelling zich als de vraag naar de optimale organisatie van een dergelijke garantie.

3.3.    Een eerste mogelijkheid zou zijn een rechtstreekse inkomensgarantie door de overheid verleend aan individuele boekhandels. Het voordeel daarvan zou zijn dat de overheid daarmee bewust eigen keuzes kan maken en rechtstreeks een 'vestigingsbeleid' kan voeren op basis van de door de overheid vastgestelde gewenste voorzieningsgraad. Er is een rechtstreekse band tussen de gestelde politieke prioriteit (fijnmazig distributiestelsel) en de daarvoor door de gemeenschap via de overheid gemaakte kosten. Ter vergelijking denke men in dit verband aan de overheidssubsidiëring van onrendabele buslijnen teneinde bepaalde leefgemeenschappen niet te isoleren.

De nadelen van deze benadering zijn m.n. gelegen in de vérgaande bemoeienis van de overheid met de individuele bedrijfsvoering. De inkomensgarantie is niet denkbaar zonder een selectief vestigingsbeleid met de daaraan verbonden eisen van kwalificatie, bedrijfsvoering, assortiment e.d. De grondwettelijke ruimte voor een dergelijk vestigingsbeleid lijkt overigens zeer beperkt (zie HR 22-3-1960, NJ 1960, 274). Bovendien betekent het risico van misbruik dat relatief zware regelingen moeten worden getroffen, en kosten moeten worden gemaakt, om de zuiverheid van de toepassing te controleren.

3.4.    Een tweede mogelijkheid zou zijn een vereveningssysteem voor de gezamenlijke boekhandelsbranche. Men kan hierbij

Nederlandse Taalunie