Regelmatig ontvangt het Algemeen Secretariaat verzoeken om het fenomeen projectsubsidie nader toe te lichten. Men wil vooral weten welke onderwerpen in aanmerking komen voor subsidiëring om daarmee een inschatting te kunnen maken of het zinvol is om een bepaald idee verder uit te werken tot een projectvoorstel. Om hieraan tegemoet te komen, treft u hieronder een beknopte beschrijving aan van een aantal van de projectaanvragen waaraan in 2010 een subsidie is toegekend.
Ontwikkeling van effectmeting en van toepassing en professionalisering van het Freiburg-Amsterdam Model (FAM)
Wie
Een Duitse en een Nederlandse universiteit
Doorlooptijd
2 jaar
Onderwerp/doel
Het Freiburg-Amsterdam Model (FAM) betreft het tandemleren in een blended-learning-omgeving in de academische taalverwerving. In dit leermodel worden ICT-modules afgewisseld met contactonderwijs, waarbij academische leerdoelstellingen, bilinguale groepsdynamische processen en de leerderautonomie van elke student bijzondere aandacht krijgen. Het succes van het model ligt in de flexibiliteit binnen een gevarieerd aanbod aan lesmethodes, communicatiemogelijkheden en leeractiviteiten. Dit leidt tot authentieke taalhandelingen in zowel virtuele als reële ontmoetingsfases.
FAM is nu dringend toe aan consolidatie. Ook willen de initiatiefnemers een effectmeting doorvoeren: wat is de meerwaarde van een blended-learningprogramma t.o.v. een traditionele taalverwervingscursus? Het project heeft de volgende doelstellingen:
1. Effectmeting van FAM
2. Publicatie van een docentenhandleiding Nederlands voor het Duitstalige gebied met methodisch-didactisch uitgewerkte lesmodules als printversie en als versie op internet te raadplegen via de website van het Taaluniecentrum NVT
3. Ontwikkeling van een plan van aanpak voor transfermogelijkheden van het project naar andere partneruniversiteiten in Nederland, Vlaanderen en het buitenland.
De betreffende universiteiten willen door middel van dit project studenten beter voorbereiden op een latere studie aan een Nederlandstalige universiteit of voor een loopbaan in het Nederlandse taalgebied. De afdeling Nederlands van deze Duitse universiteit wil op deze manier de sterke positie die het in de regio heeft als aanbieder van competentiegerichte taalcursussen Nederlands voor hoogopgeleiden uitbouwen. Op termijn is het de bedoeling dat er ook in Vlaanderen projectpartners gevonden worden, zodat er voor studenten van deze universiteit de gelegenheid bestaat om met de zuidelijke variant van het Nederlands en met de Vlaamse cultuur kennis te maken.
Ontwikkeling van een Duitstalig handboek voor vakdidactiek Nederlands als vreemde taal
Wie
Een Duitse universiteit
Doorlooptijd
2 jaar
Onderwerp/doel
Dit project heeft tot doel het concept te ontwikkelen voor een Duitstalig handboek vakdidactiek Nederlands als vreemde taal, dat enerzijds een theoretische basis moet vormen voor docenten, studenten en didactische projecten in het veld en anderzijds als vertrekpunt moet dienen voor verder onderzoek. Een dergelijk boek bestaat nog niet. Het handboek zal thema’s behandelen als meertaligheid, mediale competentie, interculturele competentie, communicatieve competentie, diagnose en toetsing, lesplanning en werkwijzen. Met dit product wordt een eerste stap gezet in de uitbouw van een discipline “didactiek NVT” aan deze universiteit.
In Duitsland wordt er nauwelijks gepubliceerd op didactisch gebied. De vakgroep wil dit soort onderzoek stimuleren. Een handboek NVT kan bovendien de curriculumontwikkeling voor didactiek aan Duitse universiteiten en andere opleidingscentra bevorderen. De lerarenopleidingen zijn binnen de universiteiten overal recent veel beroepsgerichter geworden, het aantal didactische schoolprojecten neemt toe en vereist meer begeleiding. Verder kan een handboek bijdragen aan een zichtbare statusverhoging van het Nederlands in Duitsland en daarbuiten. Het onderwijs van het Nederlands in het Duitse taalgebied heeft behoefte aan didactische handboeken maar beschikt hierover om commerciële redenen niet. Het beoogde handboek verdiept en versterkt de interuniversitaire samenwerking met andere afdelingen NVT. Dit project komt verder ten goede aan ca. 300 docenten Nederlands in Noord-Rijnland-Westfalen en dus ook aan de ruim 20.000 leerlingen in het middelbaar onderwijs. Bovendien komt het handboek ook ten goede aan de studenten van de lerarenopleiding in NRW.
Vervolgonderzoek naar de aanwezigheid van Nederlandse oude drukken uit de periode 1500-1800 in wetenschappelijke bibliotheken in Bohemen, Moravië en Silezië
Wie
twee Tsjechische universiteiten en een Poolse universiteit
Doorlooptijd
2 jaar
Onderwerp/doel
In 2004/2005 is een eerste proefproject uitgevoerd door de afdelingen Neerlandistiek van de drie aanvragende universiteiten om vast te stellen hoeveel oude drukken (1500-1800) uit de Nederlanden zich in wetenschappelijke bibliotheken bevinden. Dit project had het karakter van een systematische steekproef. Het resultaat is in de vorm van een catalogus weergegeven. Uit deze steekproef bleek dat het in totaal om duizenden drukken gaat, waaronder zo nu en dan ook unieke exemplaren die in de Lage Landen zelf verloren zijn gegaan. In deze fase van het project (afgerond 2005) kon alleen een klein deel van de verzamelingen onderzocht worden. Wegens de hoeveelheid neerlandica is het nodig om het project te vervolgen. De in het projectrapport genoemde drukken geven een onvolledig beeld van de bestanden in Centraal-Europese bibliotheken.
Het onderhavige project is een logisch vervolg op het vorige. Ditmaal gaat het om een langduriger project (2 jaar), waarbij de onderzoekers zich zullen concentreren op de wetenschappelijke bibliotheken in beide landen die de grootste collecties neerlandica hebben. Daarbij gaat het om het systematisch controleren, beschrijven, catalogiseren en in een compleet bestand invoegen van de bibliografische gegevens van oude drukken uit de Lage Landen.
Drie centra van de afdelingen Nederlands in Tsjechië en Polen worden in hetzelfde project ingeschakeld. Hiermee wordt de onderlinge samenwerking verder verstevigd. Behalve het gezamenlijke werk, uitwisseling van contacten en ervaring krijgen alle centra Nederlands het naslagwerk betreffende Neerlandica in deze twee landen.
Het opzetten van een afstandsleerproject Nederlands in de staat New York
Wie
twee Amerikaanse universiteiten
Doorlooptijd
4 jaar
Onderwerp/doel
De twee universiteiten gaan samenwerken bij het aanbieden van onderwijs Nederlands. Hierdoor kan het onderwijs Nederlands bij één van deze vakgroepen behouden blijven en bij de andere geïntroduceerd worden. Eén docent zal lesgeven op twee verschillende locaties. De docent zal afwisselend aanwezig zijn in een leslokaal bij de ene en bij de andere afdeling en zal met behulp van geavanceerde videocenferentie-technologie in contact staan met de andere studenten op de andere locatie. Dit type onderwijs vraagt om een aangepast curriculum en daarom zal er voor de cursussen een nieuwe website ontwikkeld moeten worden. Ook een deel van het lesmateriaal zal aangepast moeten worden en er zal nieuwe hardware en software aangeschaft moeten worden. Voor dit afstandsonderwijs in klassenverband is de technologie zover gevorderd dat er ondanks de afstand normale communicatie tussen docent en studenten en tussen studenten onderling mogelijk is. Dit geniet de voorkeur boven een gewone online-cursus taalverwerving omdat er bij een online-cursus weinig of geen sprake is van “reallife” communicatie.
Dit project zal jaarlijks worden geëvalueerd en bijgeschaafd. De resultaten zullen gedeeld worden met het veld. De beide afdelingen kunnen hiermee een bijdrage leveren aan het opzetten van vergelijkbare projecten elders in de wereld. Het onderwijs kan op deze manier ook voor andere universiteiten rendabel blijven. Ook als de afstanden groter zijn. Dit project zal aan meer studenten in dit gebied de mogelijkheid bieden om onderwijs Nederlands te volgen. Daarmee wordt de aanwezigheid van het Nederlands in deze regio versterkt.
Het schrijven van een Tsjechischtalige literatuurgeschiedenis van de Nederlandstalige literatuur
Wie
een Tsjechische universiteit
Doorlooptijd
2 jaar
Onderwerp/doel
Schrijven van een nieuwe literatuurgeschiedenis van de Nederlandstalige literatuur in het Tsjechisch ter vervanging van de reeds lang uitverkochte en verouderde Wegwijzer door de Geschiedenis van de Nederlandse Literatuur (vert.) van Hans Krijt en Olga Krijtová. Daarmee is het Nederlands de enige Germaanse taal waarvoor geen actuele en beknopte literatuurgeschiedenis in het Tsjechisch bestaat. Het project vult een lacune op in de presentatie van de Nederlandstalige literatuur binnen Tsjechië en Slowakije en is van belang voor studenten Neerlandistiek in beide landen alsmede voor studenten en wetenschappers die zich bezighouden met moderne literatuur en die geen toegang hebben tot Nederlandstalige literatuurgeschiedenissen. Maar ook het gewone literair geïnteresseerde publiek in Tsjechië en Slowakije behoort tot de doelgroep. Het project beoogt het schrijven vanuit een contrastief perspectief, waarbij nadrukkelijk ook de receptie van deze literatuur in het Tsjechische en Slowaakse taalgebied zal worden behandeld. Er zullen dus deels andere accenten worden gelegd dan in een Nederlandstalige literatuurgeschiedenis. Ook zal worden gepoogd om het sterk neerlandocentrische beeld van de Nederlandstalige literatuur dat in Tsjechië is ontstaan te corrigeren. Het resultaat zal als boek worden uitgegeven bij een Tsjechische uitgever.
Meer toegekende projectsubsidies:
Wegwijzer – Colofon – Contact – Vrijwaring – Opmerkingen en reacties